De eerste melktandjes verschijnen rond de leeftijd van 6 maand. Vanaf het 6e levensjaar wordt het melkgebit eerst aangevuld en daarna vervangen in twee wisselfasen.
Het melkgebit
Het melkgebit telt 20 tanden: 10 in de onderkaak en 10 in de bovenkaak. De doorbraak van de melktanden start meestal in de onderkaak met 2 snijtanden rond de leeftijd van 6 maanden. Dit kan soms gepaard gaan met wat pijn en lichte koorts. Rond 2,5 jaar is het melkgebit volledig ontwikkeld: per kaak zijn er dan 4 snijtanden, 2 hoektanden en 2 kiezen. |
 |
Het definitieve gebit
Een volledig definitief gebit telt 32 tanden: 16 in de bovenkaak en 16 in de onderkaak. Het bestaat uit 4 snijtanden, 2 hoektanden, 2 kleine kiezen of premolaren en 3 grote kiezen of molaren per kaak. De laatste van deze kiezen is de 'wijsheidstand of verstandskies' en breekt bij vele mensen niet door.
Het wisselgebit
 |
De eerste wisselfase: Vanaf de leeftijd van ongeveer 6 jaar (of later ) ' vallen ' de eerste melktanden uit, meestal eerst de 2 middenste snijtanden in de onderkaak. Nadien 2 boven snijtanden, opnieuw 2 onder en 2 boven . Ongeveer gelijktijdig breken helemaal achteraan in de mond, achter de rij melktanden, de eerste grote kiezen door. | De tweede wisselfase: Rond 11 jaar worden alle overblijvende melktanden vervangen door definitieve tanden.
Hoe vallen de melktanden uit ?
Rond de leeftijd van 3 jaar zijn de wortels van alle melktanden gevormd en staan de tanden stevig vast. Onder de melktand groeit een definitieve tand. Tijdens het wisselen gaan door de druk van de definitieve tanden, die naar buiten willen, de wortels van de melktanden opgelost worden. De melktanden komen los te staan en vallen uit.
|