Vijfjarigen lopen drie keer meer risico op tandbederf als één van hun ouders rookt. Dat blijkt uit een studie door onderzoekers van de K.U.Leuven om het effect te meten van
de sensibiliseringscampagne "Tandje de voorste".
Sensibiliseringscampagne "Tandje de Voorste" die Kind en Gezin in de regio's Waregem en Tielt in 2003 opstartte teneinde de mondgezondheid van jonge kinderen te verbeteren.
De gegevens over het rookgedrag dateren van het startonderzoek in 2003. Kinderen van rokende ouders lijden duidelijk meer aan tandbederf dan kinderen van niet-rokende ouders. Voor 3-jarigen is dat 10 versus 5 procent, voor 5-jarigen 42 versus 25 procent. Zelfs nadat rekening werd gehouden met andere verklarende factoren, zoals voedingsgewoonten, mondhygiëne en sociale afkomst, blijkt er een duidelijk significant verband.
Tijdens de persontmoeting dinsdag in Leuven, waarop de gegevens werden voorgesteld, stelde Dr. Roos Leroy van de K.U.Leuven dat het verband ook al werd vastgesteld in internationale studies, maar de oorzaak nog onduidelijk is. "Mogelijk is het hoger tandbederf het gevolg van een verminderde weerstand bij de kinderen. Een andere hypothese is dat mondflora van rokende moeders meer schadelijke stoffen bevat die in het contact met kinderen worden doorgegeven", aldus Leroy.
Bron: Belga 18.09.07